Diagnostiek

Het is belangrijk om te benadrukken dat hoogbegaafdheid meer omvat dan alleen een hoog IQ: het gaat om een complex samenspel van cognitieve, creatieve en sociaal-emotionele factoren. Het cognitieve luik en het zijnsluik van Tessa Kieboom vat dit mooi samen:

[afbeelding]

Wat wordt er gemeten bij hoogbegaafdheid?

Bij de diagnostiek wordt gekeken naar:

1. Intelligentie

Praktijk MOTO maakt gebruik van de KIQT+ om inzicht te krijgen in de cognitieve capaciteiten van het kind bij vermoedens van hoogbegaafdheid. Deze test kan afgenomen worden bij kinderen in de leeftijd van 5 jaar en 0 maanden tot en met 10 jaar en 11 maanden.

Wat kan de KIQT+ bijvoorbeeld meten?

  • Intelligentie: Zowel verbale als non-verbale aspecten.
  • Verwerkingssnelheid: Hoe snel iemand bepaalde cognitieve taken uitvoert.
  • Geheugen: Werking van het kortetermijn- en langetermijngeheugen.

2. Kenmerken van hoogbegaafdheid

Creativiteit

Vragen over het vermogen om buiten de gebaande paden te denken. Het stellen van ongebruikelijke vragen en het bedenken van innovatieve oplossingen.

Motivatie en doorzettingsvermogen

De mate van interesse in verschillende leergebieden. De drang om steeds meer te leren en kennis te vergaren, zelfs zonder externe beloning.

Emotionele kenmerken

Perfectionisme, sensitiviteit voor onrecht of emotionele intensiteit. Mogelijke eenzaamheid of moeite met aansluiting bij leeftijdsgenoten.

Sociaal gedrag

Vragen over hoe goed iemand zich sociaal weet te verhouden tot anderen, vooral in vergelijking met leeftijdsgenoten. Sociale gevoeligheid, empathie, maar ook de ervaring van verveling of onbegrip in sociale situaties.

3. Sensorische informatieverwerking (vragenlijst SP-NL)

Sensorische informatieverwerking bij hoogbegaafde leerlingen kan zowel een kracht als een uitdaging zijn. De manier waarop zij sensorische input verwerken, heeft invloed op hun leerervaringen en sociale interacties. Het is belangrijk om te begrijpen hoe sensorische over- of onderprikkeling hen beïnvloedt en om onderwijsstrategieën te ontwikkelen die hen in staat stellen om in een optimale omgeving te leren en te gedijen.

4. Sociaal-emotioneel functioneren (vragenlijst SEV)

Sommige hoogbegaafde kinderen ervaren bijvoorbeeld een groter gevoel van isolatie, frustratie of perfectionisme, wat kan beïnvloeden hoe ze zich ontwikkelen.

5. Executieve functies (vragenlijst BRIEF 2)

Bij hoogbegaafde kinderen is het belangrijk om de specifieke behoeften met betrekking tot executieve functies te begrijpen en ze op de juiste manier te ondersteunen. Een hoogbegaafde leerling kan zich onderpresteren, vooral als de taken niet voldoende uitdagend zijn. Dit kan

leiden tot verveling, een gebrek aan motivatie of zelfs gedragsproblemen. Het is belangrijk om de juiste balans te vinden tussen het aansteken van hun nieuwsgierigheid en het stimuleren van hun executieve functies, zoals planning en zelfregulatie.

[afbeelding]

Bron: www.slo.nl